Nederlandse Ambassade in Bogotá, Colombia

Veldbezoek Arauca en Cauca

Op 16 januari brachten de Ambassadeur, Jeroen Roodenburg, en de Eerste Secretaris, Floris van Eijk, samen met Jozef Merkx, UNHCHR-vertegenwoordiger in Colombia, een bezoek aan het departement Arauca. De delegatie bezocht diverse projecten die de vluchtelingenorganisatie van de VN heeft opgezet ten behoeve van vluchtelingen en ontheemden in deze regio, die grenst aan Venezuela.

De delegatie sprak tevens met vertegenwoordigers van diverse boerengemeenschappen om te horen wat zij verwachten van het vredesproces en hoe zij zich voorbereiden op de implementatie van het vredesakkoord met de FARC. Tevens sprak de delegatie met de bevolking over het vredesproces met de ELN, dat in februari van start gaat. Deze guerrillabeweging is nog altijd actief in het grensgebied. Een ander doel van het veldbezoek was om de aanwezigheid te beoordelen van primaire basisvoorzieningen, zoals: gezondheidszorg, huisvesting en educatie.

Ambassadeur Roodenburg keek tevreden terug op het bezoek aan Arauca: “De afgelopen twee dagen zijn we door het gebied gereisd om van mensen te horen voor welke uitdagingen ze staan. Ik heb gemerkt dat er veel ideeën leven om het gebied tot ontwikkeling te brengen. De uitdaging is om te zorgen dat deze ideeën worden meegenomen bij de implementatie van de afspraken uit het vredesakkoord met de FARC. Ook is het belangrijk dat de gemeenschappen een stem krijgen in het vredesproces met de ELN.”.

Veldbezoek Cauca

In dezelfde week brachten de Ambassadeur en de Eerste Secretaris een bezoek aan Huisitó, in het departement Cauca, gelegen in het zuidwesten van Colombia.Ook in dit gebied heeft de guerrillabeweging ELN een sterke invloed. De delegatie sprak met de lokale bevolking o.a. over de cocateelt, die voor veel boeren een belangrijk bestaansmiddel is. Diverse lokale leiders presenteerden ideeën over hoe het conflictgebied zich zou kunnen ontwikkelen op sociaal en economisch terrein. Veel boeren gaven aan bereid te zijn de cocateelt achter zich te laten, mits de regering bereid was te investeren in de teelt van alternatieve gewassen.